Wat is Nystagmus?

Inleiding

Nystagmus is een oogafwijking. Het is een niet erg bekende oogafwijking, toch heeft ongeveer 1 op de 1000 mensen deze aandoening. Sommige studies tonen aan dat het waarschijnlijk is dat het vaker voorkomt, afhankelijk van wat gedefinieerd wordt als nystagmus en afhankelijk van verschillende plaatselijke populaties.

Het kan op twee manieren ontstaan zijn: het kan aangeboren zijn en dan noemt men het congenitale nystagmus of het kan later ontstaan zijn en dan noemt men het een verworven nystagmus.

Kenmerken

Nystagmus kenmerkt zich door onwillekeurige bewegingen van de ogen. Ze bewegen zich in horizontale of verticale richting. De bewegingen zijn onwillekeurig wat betekent dat het een onbewust neurologisch proces is waar geen invloed op is uit te oefenen. Tijdens de slaap of onder narcose verdwijnt de nystagmus. Mensen met een aangeboren nystagmus hebben over het algemeen geen last van een wiebelend of trillend beeld doordat de hersenen zich hebben aangepast. Hebben ze het op latere leeftijd gekregen, dan hebben de hersenen niet de mogelijkheid gehad om zich aan te passen en hebben ze vaak wel meer last van een trillend beeld. Bij mensen zonder nystagmus is een veel voorkomende nystagmus de zogenaamde “treinnystagmus”, en wordt opgewekt door het waarnemen van voor de ogen langslopende, zich herhalende, beelden. Ook bepaalde geneesmiddelen kunnen een blikrichtingafhankelijke nystagmus oproepen

Gezichtsscherpte

De gezichtsscherpte zal door de nystagmus eigenlijk nooit maximaal zijn. Het zorgt ervoor dat het niet mogelijk is om het beeld te fixeren als de ogen gericht worden op een waar te nemen object. De gezichtsscherpte zal ook samen hangen met een achterliggende oorzaak. Over het algemeen zien mensen met nystagmus dichtbij beter dan in de verte. Dit betekent dat mensen met nystagmus geen auto kunnen rijden, met een paar uitzonderingen hierop. In sommige gevallen is het zicht door de nystagmus zo verminderd, dat ze problemen ondervinden in het dagelijks leven, zowel praktisch als sociaal. Het kan leiden tot het opgeven van een opleiding of verminderde carrière mogelijkheden.

Gevolgen

Over het algemeen geldt voor mensen met nystagmus:

  • Ze hebben meer tijd nodig om iets te zien dan mensen met een normaal gezichtsvermogen.
  • De ogen bewegen minder als objecten dichterbij zijn of dichterbij komen. Hoe minder de ogen bewegen, hoe makkelijker en beter iets waarneembaar is.
  • Ze moeten meer moeite doen om iets waar te nemen dan mensen met een normaal gezichtsvermogen.
  • Ze hebben vaak één richting waarin het best kan worden waargenomen (het zogenaamde nulpunt); in alle andere richtingen is het zicht minder goed.
  • Ze vinden het lastig bewegende objecten waar te nemen, en soms zien ze ze helemaal niet, bijvoorbeeld: ballen, voertuigen, ondertiteling op tv of in de bioscoop.
  • Hoewel degenen met aangeboren nystagmus de wereld niet ervaren als constant bewegend, is het beeld wel instabiel als ze moe zijn, gestresst, nerveus of opgewonden. Mensen met verworven nystagmus ervaren dit het meest of altijd. Dit verschijnsel heet oscillopsie.
  • Het zicht kan veranderen in de loop van een dag, het wordt minder als ze moe worden, gestresst of opgewonden raken, nerveus of ziek zijn.
  • Het is moeilijker om te zien op drukke plaatsen, in menigten of onoverzichtelijke plaatsen. Bijvoorbeeld: drukke straten, winkels, treinstations, vliegvelden, schoolpleinen en zelfs een beeldscherm met veel teksten en afbeeldingen.
  • Ze hebben moeite met hun evenwicht.
  • Hoewel er geen direct bekende relatie is tussen nystagmus en lichtgevoeligheid, zijn veel mensen met nystagmus gevoelig voor helder licht, schitteringen en zonnestralen. Dit betreft dan vooral mensen met een combinatie met albinisme, kleurenblindheid of ernstige bijziendheid.

Oorzaken

De oorzaken van nystagmus zijn nog niet helemaal duidelijk. Het is wel bekend dat het gezocht moet worden in het gebied in de hersenen dat verantwoordelijk is voor het oogbesturingssysteem. Dit is een erg complex gebied dat aangestuurd wordt door binnenkomende informatie uit verschillende zintuigen, zoals evenwicht, houding en visuele informatie. Afwijkingen in de bouw of functie van één of beide oogbollen kan leiden tot een verminderd gezichtsvermogen of kunnen nystagmus veroorzaken. Een neurologische ziekte, bijvoorbeeld een hersenbloeding, of ernstig hersenletsel kunnen nystagmus veroorzaken, maar ook drugsgebruik van de moeder tijdens de zwangerschap kan een verhoogd risico geven. Bij aangeboren nystagmus kan erfelijkheid ook een oorzaak zijn.

Behandeling of genezing

Een behandeling of genezing is niet mogelijk, maar er bestaan wel manieren om het kijken te vergemakkelijken of te verbeteren. De meesten hebben een bepaalde voorkeurshouding van het hoofd waarin ze het minste last hebben van de nystagmus (het nulpunt). Het helpt dan om aan de linker- of rechterkant van bijvoorbeeld een beeldscherm of schoolbord te zitten. Het kan dan ook een mogelijkheid zijn om door een oogspiercorrectie de ogen zo te verplaatsen dat rechtuit zien de rustigste stand is.

Een bril of contactlenzen corrigeren de nystagmus niet, maar moeten vaak wel worden gedragen om andere zichtproblemen te corrigeren.

Kleine letters lezen lukt wel, mits het dichtbij genoeg is of dat een hulpmiddel gebruikt kan worden, maar het is inspannend en vermoeiend. Tekst die gedrukt is in grote letters en duidelijk te lezen is, is geschikter. Samen een boek lezen met iemand die geen nystagmus heeft, is erg moeilijk voor ze. Waarschijnlijk is de tekst te veraf en is de hoek waaronder gelezen moet worden niet de juiste.

Goed licht is belangrijk. Bij twijfel kan het best om een specialistisch advies worden gevraagd, vooral als er ook sprake is van lichtgevoeligheid.

Computergebruik is mogelijk omdat het scherm aangepast kan worden naar de gewenste instellingen wat betreft helderheid en grootte van de letters. Toch vinden sommigen het lastig om van computerschermen te lezen.

De leessnelheid wordt door de nystagmus verminderd door de extra tijd die nodig is om de tekst in zich op te nemen. Dit moet echter niet verward worden met een slechte leesvaardigheid.