Allereerste Nationale Oogcongres

jaarbeurs-utrechtAfgelopen zaterdag 8 oktober vond het allereerste Nationale Oogcongres in de Jaarbeurs in Utrecht plaats. Allerlei deskundigen op het gebied van de oogheelkunde deelden hun kennis met de deelnemers via verschillende sessies. Hier volgt een korte samenvatting van onderwerpen die deze dag aan de orde kwamen.

Het allereerste Nationale Oogcongres 2016 was een samenwerking tussen de Oogvereniging, de MaculaVereniging, de Hoornvlies Patiënten Vereniging, Vereniging Oog in Oog en het Oogfonds. Het thema dit jaar was “Met het oog op de toekomst”. Via allerlei sessies deelden verschillende deskundigen op het gebied van de oogheelkunde hun kennis met de deelnemers.

De ochtend begon met een inleiding van prof. Ringens die een beknopte terugblik gaf over de verschillende bekende oogaandoeningen vanaf vroeger tot nu.

Daarna gaf prof. Caroline Klaver een overzicht van de stand van zaken met als titel: genetische ontwikkelingen: het oog loopt voorop. Hierin vertelde zij dat er oogaandoeningen zijn waarvan zeker is dat ze door erfelijkheid zijn veroorzaakt. De schaal waarop ze voorkomen loopt van: zeker dat ze door erfelijkheid veroorzaakt zijn, belangrijke erfelijke, weinig erfelijke tot geen erfelijke oorzaak.oogcongres-2016
Tevens is er nog weinig inzicht in het verloop van de ontwikkeling van de ziekte en het verband met genetische oorzaken. Samenvattend kan gesteld worden dat het genetisch onderzoek zich nog in een ontwikkelingsfase bevindt en in Nederland worden er nog geen therapieën op patiënten toegepast.

In de middag waren er verschillende sessies waar vooraf uit gekozen moest worden bij welke je aanwezig wilde zijn. Hier volgt een samenvatting van de sessies “De invloed van voeding op de ogen” en “psychosociale effecten van een visuele beperking”.

Bij de sessie “De invloed van voeding op de ogen” vertelde dr. Tos Berendschot dat er een onderzoek gedaan is met de vraagstelling: zou je met voeding de achteruitgang van oogziektes kunnen tegengaan of oogziektes zelfs kunnen voorkomen. Het blijkt namelijk dat in Europa de oogziekte Macula Degeneratie de meest voorkomende oorzaak van blindheid is. Er is met name gekeken naar de werkzame stoffen die iets kunnen betekenen in het voorkomen van oogziektes.
Hieruit blijkt dat de stof luteïne een belangrijke stof voor je ogen is. Dit is een stof die alleen in eetbare dingen voorkomt, zoals broccoli, eieren en boerenkool. Supplementen zijn niet altijd effectief genoeg. Ook blijkt uit het onderzoek dat vitamine A zelfs negatief kan werken. De werking van vitamine D (zonlicht) is onduidelijk, hier wordt nog steeds onderzoek naar gedaan. Van sommige stoffen en vitamines is gebleken dat er niet veel toegevoegde waarde is, maar soms weer wel als je al een oogaandoening hebt.

Bij de sessie “Psychosociale effecten van een visuele beperking”, gaf Eline Vreijsen een toelichting op haar lopende onderzoek. Het blijkt dat in de meeste gevallen bij een bezoek aan een oogarts gevraagd wordt naar de medische toestand van een patiënt en bijna nooit naar de psychische toestand. Een visuele beperking heeft meer invloed op de kwaliteit van leven dan andere chronische ziekten. Dit uit zich in twee keer zoveel klachten als angst en depressie dan bij normale mensen. Oorzaken zijn bijvoorbeeld het missen van autonomie en mobiliteit en daardoor niet kunnen meedoen aan het maatschappelijk leven. Patiënten vinden dat oogaandoeningen doorgaans onderschat worden door artsen. Dat blijkt niet uit het onderzoek, waarin artsen zelf aangaven er wel aandacht voor te hebben. De conclusie tot nu toe van het onderzoek is dat participatie en het meedoen aan activiteiten erg belangrijk wordt gevonden door mensen met een visuele beperking. Ook lichamelijke functioneren speelt een belangrijke rol. We kunnen concluderen dat de maatschappelijke kant van het hebben van een visuele beperking onderbelicht is.